Parkeernormen bij nieuwbouw in Den Haag: zo werkt het
Wie in Den Haag een nieuwbouwwoning koopt of huurt, krijgt te maken met parkeernormen. Deze normen bepalen hoeveel parkeerplaatsen een projectontwikkelaar moet realiseren bij een bouwplan. Ze hebben directe invloed op de vraag of je straks een parkeerplek hebt — en of je een parkeervergunning kunt aanvragen.
Wat zijn parkeernormen?
Een parkeernorm is een getal dat aangeeft hoeveel parkeerplaatsen per woning of per vierkante meter bedrijfsruimte moeten worden aangelegd. Een norm van 1,0 betekent: één parkeerplek per woning. Een norm van 0,3 betekent: drie woningen delen samen één parkeerplek.
De gemeente Den Haag baseert haar parkeernormen op de landelijke CROW-kengetallen (publicatie 381, "Toekomstbestendig parkeren"). CROW is het nationale kennisplatform voor verkeer en vervoer. De kengetallen geven bandbreedtes per gebiedstype: centrumgebieden hebben lagere normen dan buitenwijken, omdat er meer alternatieven zijn voor de auto.
Hoe verschilt de norm per buurt?
Den Haag hanteert een gebiedsgerichte aanpak. De stad is opgedeeld in zones met verschillende kenmerken:
- Centrumgebied en CID (Central Innovation District): lage parkeernorm, vaak 0,2 tot 0,5 per woning. Goed bereikbaar met tram, bus en trein.
- Binckhorst: autoluwe ontwikkeling met normen rond 0,3 tot 0,6. Hier wordt ingezet op deelmobiliteit en OV.
- Scheveningen, Laak, Escamp: middelmatige normen, afhankelijk van de exacte locatie en OV-bereikbaarheid.
- Buitenwijken (Leidschenveen-Ypenburg, Wateringse Veld): hogere normen, vaak 1,0 of meer, omdat autogebruik hier groter is.
De exacte norm wordt per bouwplan vastgesteld bij de omgevingsvergunning. De gemeente toetst of het plan voldoende parkeerplaatsen bevat.
Autoluwe wijken: geen straatvergunning
In aangewezen autoluwe gebieden — zoals delen van de Binckhorst, het CID en nieuwbouw in Den Haag Zuidwest — zijn geen bewonersparkeervergunningen beschikbaar. De gedachte: als je een woning koopt in een autoluwe wijk, weet je vooraf dat straatparkeren er niet bij hoort.
Parkeren moet in deze gebieden op eigen terrein: in een gebouwde parkeergarage of op een toegewezen plek. Dit staat doorgaans in de omgevingsvergunning én in het koop- of huurcontract.
Wat als er te weinig parkeerplekken zijn?
Ontwikkelaars kunnen in uitzonderingsgevallen een lagere norm aanvragen als ze compenserende maatregelen nemen, zoals:
- Deelmobiliteit: aanbieden van deelauto's aan bewoners
- Fietsparkeren: extra fietsenstallingen
- OV-abonnementen: bijdrage aan mobiliteitsbudget voor bewoners
De gemeente beoordeelt per geval of de compensatie voldoende is.
CROW-kengetallen: de landelijke basis
De CROW-kengetallen worden regelmatig geactualiseerd en houden rekening met trends als autobezitdaling in steden en groei van deelmobiliteit. Gemeenten mogen afwijken van de bandbreedte, mits goed onderbouwd. Den Haag kiest in haar Parkeerstrategie 2021-2030 expliciet voor lagere normen in goed bereikbare gebieden.
Wat betekent dit voor jou?
- Koop je nieuwbouw in een autoluwe wijk? Reken er niet op dat je een straatvergunning krijgt. Check het bestemmingsplan en je koopcontract.
- Woon je in een bestaande wijk naast nieuwbouw? Nieuwe bewoners zonder eigen parkeerplek kunnen druk leggen op de straat. Bekijk de parkeerdrukkaart om te zien hoe jouw buurt ervoor staat.
- Ben je ondernemer? Voor bedrijven bij nieuwbouw gelden aparte normen. Lees meer in ons artikel over parkeren op eigen terrein.
Bronnen: CROW publicatie 381, Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 (RIS308711), denhaag.nl